Ik zit hier voor U Heer, rechtop en ontspannen met rechte ruggegraat. Ik laat mijn gewicht loodrecht door mijn lichaam heen zinken, naar de grond, waar ik op zit. Ik houd mijn geest vast in mijn lichaam.
Ik weersta de drang om door het raam naar een andere plek dan hier uit te wijken, om maar aan het hier en nu te ontkomen. Zacht en vastberaden houd ik mijn geest daar vast, waar mijn lichaam is: hier in deze ruimte.
In dit nu, op dit ogenblik, laat ik al mijn plannen, zorgen en angsten los. Ik leg ze nu in Uw handen Heer, ik laat de greep, waarmee ik ze vasthoud los en laat ze aan U over. Voor het moment vertrouw ik ze U toe.
Ik wacht op U vol verwachting. U komt op mij toe en ik laat me door U dragen. Ik begin de reis naar binnen, ik reis in mij naar binnen toe, naar binnenste kern van mijn zijn, waar U woont.
In dit diepste punt van mijn wezen was U er altijd al, voor ik er was. ‘t Is daar waar Gij schept en leven maakt en zonder ophouden mijn hele persoon sterkt.
God U leeft, U bent in mij, U bent hier, U bent er nu, U bent. U bent de grond van mijn zijn. Ik laat los, ik verzink in U. U overstroomt mijn wezen, U neemt bezit van mij.
Ik laat mijn adem gaan, naar dit gebied van overgave aan U. Mijn adem, mijn in- en uitademen is de uitdrukking van mijn ganse wezen. Ik doe het voor U, met U, in U, wij ademen samen, met elkaar.
Dag Hammerskjold